3.4 Omgeving (verkeer, leidingen, obstakels)
De omgeving van een steiger bepaalt voor een deel de te nemen maatregelen. Het gaat om maatregelen aan de steiger zelf of in de omgeving daarvan. De belangrijkste gevaren betreffen:
- de omgeving van de steiger, die vaak aan het openbaar gebied grenst (gevaren voor derden zoals voorbijgangers, bezoekers, bewoners, gebruikers van installaties of van onroerend goed);
- het verkeer in de nabijheid van de steiger (aanrijdgevaar van steiger en/of personen die terplekke werkzaam zijn);
-
bovenleidingen van het elektriciteitsnet, trein en tram (gevaar van elektrocutie via de steiger bij opbouwen en bij afbreken of via een machine, bijvoorbeeld een hijskraan). Voor ondergrondse leidingen zie par. 3.2 Ondergrond en voor aarding par. 4.9.