6.2 Weersomstandigheden

Gebruikers van een steiger werken vaak in weer en wind. Maar daar valt iets aan te doen. Om te beginnen door op het weer afgestemde werkkleding te dragen en door de steiger eventueel te voorzien van een afdichting/bekleding (zie par. 4.5).

6.2.1 Persoonlijke veiligheid van de steigergebruiker

Bij extreme weersomstandigheden is bovendien de persoonlijke veiligheid van de steigergebruiker in het geding (o.a. valgevaar, uitglijden, elektrocutie). Dit geldt bij:

  • windkracht vanaf 8 Beaufort (> 17,2 m/s)
  • onweer en bliksem
  • hevige sneeuwval of hagel
  • ijzel.

Bij deze weersomstandigheden moet de steiger zo snel mogelijk worden verlaten. Het komt regelmatig voor, dat bij hevige wind de binders van de steigerbekleding bezwijken. Op die manier kunnen alsnog gevaarlijke situaties ontstaan indien men bij dat weer probeert de bekleding los of weer vast probeert te maken.

6.2.2 Sterkte en stabiliteit van de steiger

Het grootste gevaar, ook voor de omgeving, is het bezwijken of omvallen van de steiger. Factoren die daartoe kunnen bijdragen zijn:

  • overbelasting van de steiger door sneeuw; vooral als het erna regent en er op de vloeren een laag “pap” ontstaat;
  • verzakken van de steiger door hevige regenval (onderspoeling van de ondergrond); 
  • loskomen van verankeringen door extreme windbelasting en/of door bovengenoemd verzakken.

Zie voor nadere informatie over ondergrond paragraaf 3.2 en over verankering paragraaf 3.3.

Steigerinspectie
Na extreme weersomstandigheden mag er pas weer op de steiger worden gewerkt na een inspectie en eventueel daaruit voortvloeiende herstelwerkzaamheden. Deze inspectie moet worden uitgevoerd door een terzake deskundige persoon (aangewezen voor de gebruiksfase) of een bevoegde persoon steigerbouw (van het steigerbouwbedrijf). Zie hoofdstuk 7 voor de kwalificaties van genoemde personen en paragraaf 6.3 voor inspecties. Overbelasting van de steiger door sneeuw hoeft niet te worden gecontroleerd middels berekening.

6.2.3 Extreme hitte

Extreme hitte en zonnestraling hebben weliswaar geen invloed op de veiligheid van de steiger, maar kunnen wel nadelig uitpakken voor de gezondheid van personen die daaraan worden blootgesteld. Van een werkgever wordt verwacht dat hij daartegen één of meer van de volgende maatregelen treft:

  • afscherming van de zon
  • ventileren
  • passende kleding (geen ontblote lichaamsdelen)
  • voldoende drinkwater bij de hand
  • stoppen met de werkzaamheden.
     

Een initiatief van

VSB Vereniging van Steiger-, Hoogwerk- en Betonbekistingbedrijven
www. www.vsb-online.nl

Bouwend Nederland
www.bouwendnederland.nl

Printversie

Geïnteresseerd in een geprinte versie? Bekijk de informatie en bestel uw geprinte versie via ons online bestelformulier. 

Disclaimer

Bij de samenstelling van deze uitgave is door de Commissie Richtlijn Steigers en de instellingen en bedrijven die daaraan hebben meegewerkt, een zo groot mogelijke zorgvuldigheid betracht. Door de Commissie en meewerkende derden wordt echter geen aansprakelijkheid aanvaard indien gegevens uit deze uitgave niet mochten leiden tot het bedoelde resultaat of aanleiding mochten geven tot enigerlei schade.
U bevindt zich hier: Home Inhoud Richtlijn 6. Gebruik 6.2 Weersomstandigheden