3.6 Hoeveelheidsbepaling (unit rates)

Het is belangrijk dat opdrachtgever en opdrachtnemer bij het bepalen van de omvang van een steiger dezelfde begrippen en meetmethoden hanteren. Steigers kunnen op drie manieren worden afgerekend:

  • een totaalprijs voor het werk (lumpsum)
  • per verrichte meetbare prestatie-eenheid (unit rates)
  • in regie en huur van materiaal.

3.6.1 Totaalprijs voor het werk (lump sum)

Werken met een totaalprijs is alleen mogelijk indien de door het steigerbedrijf uit te voeren werkzaamheden en de huurperiode vooraf bekend zijn en duidelijk zijn vastgelegd. Zo’n “lumpsum” bevat de totaalprijs voor arbeid, huur en bijkomende kosten, zoals vrachtkosten.
Het werk kan worden opgedeeld in meetbare deelopdrachten, zodat er naarmate het werk vordert kan worden gefactureerd.

Meer- en minderwerk kan worden verrekend op basis van een vooraf overeen te komen prijs per eenheid, bijvoorbeeld per m² of m³ steiger, voor montage, demontage en huur (per week of dag). Voor aanpassingen van een steiger kan worden gekozen voor werken in regie.

3.6.2 Prijs per verrichte meetbare prestatie-eenheid (unit rates)

Als van te voren nog niet bekend is wat de werkzaamheden zulllen inhouden, hoe de steiger er precies uit moet komen te zien en ook niet hoe lang hij moet blijven staan, is het beter een contract af te sluiten op basis van meetbare prestatie-eenheden, ook wel “unit rates” genoemd. Dit systeem voorkomt misverstanden tussen opdrachtgever en steigerbouwbedrijf. Het is een rekenmethode per m³ steiger, gebaseerd op de “Rewin Nap Dace” voor de industrie, die eenheid brengt in de wildgroei van afrekensystemen. Een goed hulpmiddel hierbij is het boekje “Unit rates Steigers” (zie hoofdstuk 9 Voorschriften, normen en literatuur). Dit boekje beschrijft eenduidig welke onderdelen en voorzieningen in een m³ steiger zijn opgenomen en hoe de steiger moet worden opgemeten en afgerekend.

3.6.3 Rekenmethode in de bouw

In de bouwnijverheid wordt een rekenmethode per m² gehanteerd, maar het systeem is nog niet zo helder gedefinieerd en zo goed ingevoerd als het “unit rates”- systeem in de industrie. Het zou veel misverstanden voorkomen als dit wel de standaardmethode zou worden. Nu het in de Richtlijn Steigers is beschreven, krijgt het wellicht dezelfde status als het unit rate systeem in de industrie.
Aan de hand van onderstaande figuren worden enkele basisrekenregels uitgelegd.

  • Hoogte van een steiger

De hoogte van een steiger is van voetplaat tot bovenkant bovenste leuning (zie figuur 3.6¹).

Figuur 3.6¹ Doorsnede en bovenaanzicht van een steiger
  • Lengte van een steiger

Als uitgangspunt voor de totale lengte van een steiger geldt de som van alle afzonderlijke gevels, maar met de volgende correcties:

  • De lengte van een steiger zonder hoeken is de hartafstand tussen de staanders aan de beide uiteinden van de steiger (meestal ook de gevellengte). 
  • Heb je een steiger om een gebouw of object heen, dus met uitwendige hoeken dan is de lengte van de steiger de som van de gevellengten, plus per hoek eenmaal de steigerbreedte. 
  • Bij inwendige hoeken wordt per hoek eenmaal de steigerbreedte afgetrokken.
     
  • Aantal m² steiger

In het voorbeeld van figuur 3.6¹ is de steigerhoogte 11,50 m. De totale steigerlengte is volgens bovenstaande aanwijzingen 63 m, als volgt berekend:

  • totale gevellengte (13)+ (2x9)+(2x2,5)+(2x5,5)+(8) = 55 m
  • bijtellen 6 uitwendige hoeken (per hoek 1x steigerbreedte) = 12 m
  • aftrekken 2 inwendige hoeken (per hoek 1x steigerbreedte) = 4 m

Het gaat in dit voorbeeld dus om een steiger van 63x11,50 m = 724,50 m².

  • Uitwendige en inwendige hoeken 

Figuur 3.6² laat zien hoe moet worden omgegaan met uitwendige en inwendige hoeken groter dan 90º. Bij de uitwendige hoek wordt de steiger ten opzichte van de gevellengte een stukje langer.
 

Figuur 3.6² Uitwendige en inwendige hoek > 90º

3.6.4 In regie en huur van materiaal

Een derde methode voor het afrekenen van uitgevoerde werkzaamheden is op basis van regie. Er zijn hierbij twee mogelijkheden:

  • Eén regietarief, waarin zowel looncomponent als materiaal(huur) is opgenomen, zodat alle werkzaamheden op basis van alleen de gepresteerde uren worden verrekend. Desgewenst kan dit, gecombineerd met een target, worden gemaximaliseerd tot een beheersbare contractvorm, eventueel met een bonus- en malusdeling.
  • Het regietarief bevat alleen de geleverde arbeid inclusief toeslagen voor toezicht en bijkomende kosten. De huurcomponent wordt apart bepaald, bijvoorbeeld per item per week of per ton gewicht per week. Ook bij deze constructie kan men een target met elkaar afspreken met een bonus- en malusdeling.

Een initiatief van

VSB Vereniging van Steiger-, Hoogwerk- en Betonbekistingbedrijven
www. www.vsb-online.nl

Bouwend Nederland
www.bouwendnederland.nl

Printversie

Geïnteresseerd in een geprinte versie? Bekijk de informatie en bestel uw geprinte versie via ons online bestelformulier. 

Disclaimer

Bij de samenstelling van deze uitgave is door de Commissie Richtlijn Steigers en de instellingen en bedrijven die daaraan hebben meegewerkt, een zo groot mogelijke zorgvuldigheid betracht. Door de Commissie en meewerkende derden wordt echter geen aansprakelijkheid aanvaard indien gegevens uit deze uitgave niet mochten leiden tot het bedoelde resultaat of aanleiding mochten geven tot enigerlei schade.
U bevindt zich hier: Home Inhoud Richtlijn 3. Werkvoorbereiding van project 3.6 Hoeveelheidsbepaling (unit rates)